Peter de Grote festival: bijna uitverkocht, jarig, onvergetelijk

Het hoort er een beetje bij. Je komt voor de muziek, maar bij het openingsconcert duurt dat altijd even. Dan moet je eerst een rijtje sprekers doorstaan. Sprekers die wijzen op de verdiensten van de organisatie. Sprekers die een introductie geven op het gebodene. Sprekers die de mensen en organisaties bedanken zonder wie dit festival ondenkbaar was geweest. Sprekers die tussen jou en de muziek instaan.

Foto: Rob Verhofstad
Zo stond ik gisteravond bij de opening van het Peter de Grote Festival. Ik kende mijn plaats. Tussen het publiek en de muziek in. “Peter de Grote festival: bijna uitverkocht, jarig, onvergetelijk” verder lezen


Sara en Eugenie

De laatste statenvergadering van het jaar, gisteren, was ook de laatste vergadering van twee statenleden. Sara van de Par van de SP en Eugenie Stolk van de PvdA namen afscheid. Het is onbeleefd om ooit het tegendeel te beweren, maar het is veilig om bij hen te zeggen: deze hadden we best nog wat langer in ons midden willen houden.Twee vrouwen die statenlid werden aan het begin van deze periode. Twee statenleden die in de afgelopen jaren vanuit verschillende rollen werk hebben gemaakt van hun idealen. 

We leggen graag uit dat Provinciale Staten het parlement van de provincie zijn. In Drenthe spreken ze zelfs officieel van het ‘Drents parlement’. Maar er zijn belangrijke verschillen met dat andere parlement. “Sara en Eugenie” verder lezen


Burgemeester in woelige tijden

Met Groningse nuchterheid, aangevuld met Drentse ‘hunebedbouwerachtige invloeden’. Zo zou Geert-Jan ten Brink in Slochteren aan de slag gaan, beloofde hij tijdens zijn installatie in dezelfde raadszaal, waarin ik hem mag toespreken. Toen was het 8 november 2011. 

De laatste honderdjarige van Burgemeester Ten Brink, foto: ’t Bokkeblad
Met deze aankondiging was meteen duidelijk dat ze in Slochteren maar boften met de boomlange, rasechte Drent die ze in huis haalden. Want die hunebedbouwers, dat waren ook geen kleine jongens. “Burgemeester in woelige tijden” verder lezen


Op bezoek bij Henk Helmantel en zijn gemeentebestuur

Bewonderend buig ik voorover om de glazen fles van dichtbij te bekijken. In de fles zie je de weerspiegeling van de ramen achter je. Als je goed kijkt, zie je zelfs het interieur van de kamer. De fles is niet echt. De kast ook niet. Ze zijn bedrieglijk echt geschilderd. Henk Helmantel, die het schilderij maakte, staat naast me. ‘Tsja, dat is talent’, lacht hij bescheiden.

‘En heel veel oefenen’, denk ik er bij. “Op bezoek bij Henk Helmantel en zijn gemeentebestuur” verder lezen


Dag Bert

We vonden dat de foto een beetje mislukt was. We waren ook iets te lacherig, want het was een rare toestand. Het was begin april. We wisten al dat Bert naar Midden- Drenthe zou gaan. Maar voor zijn laatste weken in Zuidhorn moest hij perse nog officieel worden herbenoemd. Hij kwam naar mijn kamer om de eed af te leggen. Geen plichtplegingen, maar wel een eed. Vijf minuten werk en een kop koffie.

We maken bij die gelegenheid ook altijd een foto. Maar Bert stond verkeerd: achter Berts rechteroor hing een groot schilderij van een ‘Mens-erger-je-niet’-bord, dat op mijn kamer hangt. “Dag Bert” verder lezen


Voor de verandering, maar welke dan?

1. Sporen van Luther

Bij ons thuis op de schoorsteenmantel staat het meest verkochte Playmobil poppetje ooit. Dat van Luther. Compleet met mantel, baret en ganzenveer. En natuurlijk de door hemzelf vertaalde Bijbel, hier passend opengeslagen op de overgang van het Oude- naar het Nieuwe Testament. Ik nam hem mee, vandaag naar de Kerkendag in een regenachtig Bourtange. Al was het maar om te kunnen zeggen: “U merkt het: ook wij staan thuis elke dag stil bij 500 jaar Reformatie!” De aanwezigen lachten welwillend.

Interessant dat Playmobil Luther dus vooral portretteert als Bijbelvertaler. Want ik associeer hem spontaan met zijn stoere daad op 31 oktober 1517: “Voor de verandering, maar welke dan?” verder lezen


Vijf actiepunten voor de ‘meest erotische grens van Europa’

Het bedrijfsleven van Oldenburg treft elkaar jaarlijks in een vrij massale maaltijd met rituelen die rechtstreeks uit de middeleeuwen lijken te stammen. Nette mannen in donkere pakken, en hier en daar toch nog een vrouw. Ondanks de ouderwetse trekken, bestaat het ‘Cramer Ampts Mahl’ pas sinds 1973. Een wonderlijke mix van ernst en luim. En veel traditie. Meestal spreken er Duitse prominenten. Hoofdzakelijk politici. Het leek er een beetje op dat dat zo vlak voor de verkiezingen gevoelig was. Hoe het ook zij: pas vorige week, tijdens de 45ste bijeenkomst, permitteerden ze zich voor het eerst een Nederlandse spreker. De ‘Kommissar des Königs’ uit Groningen. 


Ik was er trots op dat ik dat mocht zijn. Maar ik vertelde ze natuurlijk wel dat het hoog tijd was. “Vijf actiepunten voor de ‘meest erotische grens van Europa’” verder lezen


Belangrijke momentopnamen

De fotograaf Jan Hendrik van der Veen stuurde me vanmorgen een paar foto’s die hij had gemaakt tijdens de laatste 24 uur van mijn werkweek. Het veelbesproken werkbezoek van de Minister-President aan het gaswinningsgebied in Groningen. En de veel minder besproken opening van de Special Olympics, zaterdagmorgen. Ze gaven me allebei het gevoel dat ik belangrijk werk mag doen.

Foto’s: Jan Hendrik van der Veen

Enthousiast
De gelegenheden waren totaal verschillend. “Belangrijke momentopnamen” verder lezen


De wreedheid van vergeten oorlogen

1. Er is maar één oorlog

Het is misschien een merkwaardige constatering om mijn toespraak bij deze herdenking mee te beginnen. Maar toch doe ik het, vandaag bij het lange stenen namenlint die het Groningse Indiëmonument vormt. De gevallenen staan daar in de volgorde waarin ze zijn overleden. En zo vormt het stenen lint een pad door de tijd. 1945-1962. Voor mijn tijd, want ikzelf ben van 1966. Maar daarom niet minder beklemmend.

Foto: Peter de Kan
De constatering is deze: kennelijk concurreren oorlogen met elkaar om publieke aandacht. “De wreedheid van vergeten oorlogen” verder lezen


Visie op de Veenkoloniën: wat willen we zelf?

Koloniaal

Vorig jaar om deze tijd mocht ik het boek ‘De Gaskolonie’ in ontvangst nemen. Margriet Brandsma en twee van haar NOS-collega’s hadden het geschreven. Ik vond de titel goed getroffen. Het boek maakte de vraag relevant wie er eigenlijk de baas is in Nederland. En van een deel van Nederland stond eigenlijk wel vast dat de mensen die er woonden niet de baas waren. De titel van het boek maakte me gevoelig voor het woord ‘kolonie’. Dat is een gebied waar je de dienst uitmaakt en dat je exploiteert

De Veenkoloniën waren een kolonie: een gebied waar een ander de dienst uitmaakte. “Visie op de Veenkoloniën: wat willen we zelf?” verder lezen