Als het water bevriest, ontdooien de mensen

Het is dinsdagavond laat en ik ben op de terugweg uit Amsterdam. Henk Jan Bolding, onze provinciesecretaris belt. Hij vertelt me wat ik op dat moment nog niet weet: de eerste marathon op natuurijs is morgenochtend in Noordlaren. Niks Haaksbergen. Bij ons vroor het het beste. Voor de volgende dag staan de functioneringsgesprekken gepland met de provinciale directeuren. “Maar als ik jou was, zou ik naar Noordlaren gaan.” Altijd fijn als iemand je even wijst op wat écht belangrijk is. Gedeputeerde Nienke Homan, met wie ik die gesprekken zou voeren, reageert enthousiast op mijn voornemen. “Dan ga ik met je mee. En ik neem trouwens ook mijn schaatsen mee.”
Die laatste mededeling leidt vanmorgen tot grote drukte in Huize Paas. Een wanhopige zoektocht naar mijn schaatsen. Ik kijk op zolder, in de schuur en in een aantal diepere kasten. Ik doorzoek een stapel kratten in de hoek van een kamer. Maar ze zijn spoorloos. We zijn deze zomer verhuisd. En ik had dit seizoen nog niet geschaatst. Als ik bijna besluit dat het niet meer gaat lukken, vind ik achterin de schuur, op een plekje waar zoveel spullen staan dat je er bijna niet kunt lopen, een zorgvuldig dichtgeplakte verhuisdoos. Inhoud: mijn schaatsen en de bijbehorende tas. Het karton is vochtig. Mijn schaatsen ruiken muf en ik moet wat schimmel van de tas vegen. Brrr!

Noordlaren: Groningen op zijn mooist

Maar wat een stralend feest in zonnig Noordlaren. Enthousiaste vrijwilligers hebben met engelengeduld, laagje voor laagje een schaatsbaan opgespoten. De hele nacht rondjes rijden met een giertank. En met vereende krachten hebben ze dranghekken met kussens en reclamebanners aangebracht. Er is koek en zopie. Er is muziek en een welbespraakte speaker. Er is een loket voor de kaartjes En overal zijn enthousiaste clubleden die blij zijn dat het vandaag is gelukt. De eerste marathon bij ons in Noordlaren. De zon schijnt in de berijpte bomen. De baan is geveegd en er is prachtig ijs. Er komen tientallen topschaatsers en verspreid over de ochtend zo’n drieduizend enthousiaste mensen. De burgemeester staat er met een ambtsketen. En de ganse nationale en regionale pers is uitgerukt voor de eerste natuurijsmarathon. Aan een enkeling moet ik uitleggen dat Noordlaren Groningen is. Vandaag zelfs Groningen op zijn mooist.

De eerste marathon is voor de vrouwen. Jaloers kijk ik naar hun prachtige techniek en snelle rondjes. Mijn enthousiasme over de eerste demarrage wordt gesmoord door een ervaren schaatsliefhebber met de tekst: “De eerste pankouken bin veur de kinder!” Hij heeft gelijk. Het peloton haalt de snelle vluchters in. Met rooie wangen van de opwinding en de kou zien alle toeschouwers het tactische eindspel en de verrassende overwinning van Lisa van der Geest. Na de koffie de mannen. Indrukwekkend dat je zo lang achter elkaar zo hard kunt rijden. De kopgroep zet het peloton op een ronde achterstand en controleert van daaruit verder de race. Simon Schouten troeft uiteindelijk onze eigen Robert Post en Sjoerd den Hertog af.

IJsvrij een mensenrecht?

Als het water bevriest, ontdooien de mensen. Ik spreek vandaag alleen maar gelukkige mensen. De bestuursleden zijn opgetogen over het succes. En een paar dames achter een rode tafel vertellen enthousiast hoe mooi het is. Een vriendelijke ijsmeester geeft Nienke en mij de gelegenheid om nog even snel een paar rondjes te schaatsen terwijl de wedstrijdspullen van de baan worden gehaald. Het voelt geweldig. Het ijs kraakt zacht en even overweeg ik om voor de rest van de middag gewoon alle afspraken af te zeggen. IJsvrij is toch een mensenrecht? Hoe vaak is er nou natuurijs? Maar ’s middags zit ik – nog een beetje nagloeiend – in het provinciehuis. Wat een dag!