Grenzen verleggen vergt verbeeldingskracht

Ik mag vandaag de Duitsers welkom heten. En ik doe dat met een Keniaan. Parlementariërs uit Niedersachsen en statenleden uit Overijssel, Friesland en Drenthe komen bij elkaar in de statenzaal in Groningen. Om hier te komen hebben ze grenzen moeten overschrijden. De landsgrens tussen Duitsland en Nederland. Of de provinciegrens tussen Fryslân, Drenthe of Overijssel en Groningen. Maar dat klinkt indrukwekkender dan het is: de grens oversteken is tegenwoordig een fluitje van een cent. Je merkt er niks van. 

Toch is het overschrijden van grenzen lang niet altijd makkelijk. Als het simpel was, kwamen ze hier vandaag niet bij elkaar, in de Statenzaal in Groningen. Grenzen hebben iets magisch. Ze zijn belemmeringen, maar ook uitdagingen. Wij hebben drie kinderen in huis. Stel ze een grens en ze willen er overheen. Grenzen weerhouden ons. En ze verleiden ons om ze te doorbreken.

De magische grens van twee uur

Gisteren stond er in het Algemeen Dagblad een groot interview met de Keniaanse topatleet Eliud Kipchoge. Ik las het met grote belangstelling. Kipchoge is in Groningen geen onbekende. Vijf keer won hij de vier mijl. Daar zijn we trots op, want hij is ook een van de beste marathonlopers ter wereld. Vorige week verlegde hij een grens. Hij deed mee aan het project ‘Breaking2’: een poging om de marathon te lopen onder de magische, nooit bereikte grens van twee uur.

Is hem dat gelukt? Nee, nét niet. Hij deed er twee uur en 25 seconden over. Dat was jammer. En toch was hij blij. Niemand is ooit zo dicht de grens van twee uur genaderd. Het feit dat hij er nu zó dichtbij was, laat volgens hem zien dat het in de toekomst mogelijk is om de grens echt te slechten.

Wat was zijn zwaarste moment?, wilde de journalist weten. Was het een van de vele trainingen in Kenia? Of waren het toch echt de laatste meters van de marathon op het Formule 1-circuit? Kipchoge schudt zijn hoofd. “Het moeilijkste was om voor te stellen dat ik zó lang zó hard zou gaan lopen”, zegt hij. “Dat was het grootste obstakel. Ruim zeven maanden geleden heb ik besloten dat ik het kon en vanaf dat moment geloofde ik er ook echt volledig in. Elke dag, tijdens het lopen, tussen de trainingen door of liggend in mijn bed probeerde ik mij voor te stellen hoe het was om een marathon onder de twee uur te lopen. Zo ben ik gewend geraakt aan het idee en wist ik dat het wel kon. Wat anderen daarvan vonden, maakte niet meer uit.”

Grenzen ontkennen

Wij zijn geen marathonlopers. Toch voelt het versterken van grensoverschrijdende samenwerking soms ook als het lopen van een marathon. We maken ons er aan beide zijden van onze grenzen sterk voor. We zetten positieve stappen. Tóch is het ons, net als atleet Kipchoge, nog steeds niet gelukt om de grenzen écht te slechten. Zo blijkt uit een recent rapport van onze statistiekbureaus dat er nog nauwelijks sprake is van een grensoverschrijdende arbeidsmarkt. Ook als het gaat om infrastructuur, gezondheidszorg en energie zien we mooie initiatieven. Maar die blijven te vaak beperkt tot fraaie solo-acties.Internationale samenwerking was nooit een kwestie van snelle sprintjes. Het vergt ‘Ausdauer’.

Daarom ben ik blij dat parlementsleden uit Niedersachsen en statenleden uit ons deel van het land elkaar vandaag treffen. Om van elkaars ervaringen te leren. Maar hopelijk ook om spijkers met koppen te slaan. Om voort te bouwen op de hoopvolle en positieve initiatieven en ontwikkelingen die er al zijn. Zoals de stagiaires van het project ‘Sorgen für, sorgen dass’. De studenten aan de European Medical School in Oldenburg. De voorvechters van de Wunderline. Of de deelnemers aan de gezamenlijke energieprojecten Power to Flex en Smart Energy in Emmen en Haren. En om er die initiatieven uit te bouwen tot een grensontkennende praktijk.

Volhouden en voorstellen.

Het is tijd om nu ‘meters gaan maken’. Om frisse ideeën op te doen. Om te bedenken dat we het kunnen. En daarna die ontwikkelingen mogelijk te maken. Net als Eliud Kipchoge. Als je een marathon onder de twee uur wil lopen, moeten alle omstandigheden optimaal zijn. Daarom droeg hij hightech hardloopschoenen en hyper-aerodynamische kleding. Hij dronk een speciaal voor deze recordpoging ontwikkelde energiegel. En hij werd begeleid door een steeds wisselende groep van ‘hazen’: snelle hardlopers die hem stimuleerden om tempo te maken. Maar hij kon het alleen volhouden, omdat hij zich een marathon binnen twee uur kon voorstellen.

Ik weet nog niet precies wat volksvertegenwoordigers en bestuurders van beide zijden van de grens moeten zijn. Zijn wij degenen die grensontkennende samenwerking kunnen bedenken? Of zijn wij de ‘hazen’ die andere overheden, kennisinstellingen en bedrijven kunnen stimuleren om tempo te maken? Of zorgen wij er juist voor dat de omstandigheden optimaal zijn?

Ik denk dat we alle drie tegelijk zijn. Hazen die zorgen voor optimale omstandigheden om hun droom te realiseren. Hoe dan ook: het vergt topvorm en uithoudingsvermogen om van deze marathonsessie een succes te maken. Internationale samenwerking was nooit een kwestie van snelle sprintjes. Het vergt ‘Ausdauer’. En verbeeldingskracht, als we een beroemde marathonloper mogen geloven.