Heimwee naar stemcomputers

Het nieuws van vandaag is dat de Partij voor de Dieren overweegt een hertelling van de stemmen aan te vragen. Ik begrijp dat goed. Het is natuurlijk hartstikke zuur wanneer je donderdagmiddag bij de prognose op basis van 100% van de getelde stemmen op twee zetels staat, maar bij de definitieve telling blijkt dat het toch één zetel wordt. En vermoedelijk is het verschil tussen wel en geen restzetel maar enkele tientallen stemmen groot.

De strak georganiseerde telling door het centraal stembureau in Martiniplaza. Foto: Ate Harsta op Twitter

Vrijdagmiddag werd duidelijk dat de definitieve uitslag, die maandag door het centraal stembureau wordt gepresenteerd, er zo uitziet:

Heimwee

Op verkiezingsavonden heb ik heimwee naar de tijd van de stemcomputers. Voor de jeugdige lezers: we waren vroeger moderner. In 1991 voerden we in Nederland stemcomputers in. Bijna alle gemeenten gebruikten ze. Maar 15 jaar later, in 2006, ontstond twijfel. Internationale waarnemers bij de Kamerverkiezingen vonden het verstandiger om een ‘paper trail’ te maken om hertellingen mogelijk te maken. En later deed de AIVD onderzoek en vond uit dat bij een bepaald type computers de electromagnetische straling kon worden opgevangen en geanalyseerd. Dat betekende dat je er niet helemaal zeker van kon zijn dat je stem geheim bleef.

IJlings werden afvalbakken omgebouwd tot stembussen. Rode potloden werden aangeschaft.

De minister van Binnenlandse Zaken keurde een bepaald type computer af. En de actiegroep ‘wij vertrouwen stemcomputers niet’ deed de rest: ze daagde de staat voor de rechter en won. IJlings werden afvalbakken omgebouwd tot stembussen. Rode potloden werden aangeschaft. En sindsdien stemmen we weer met een rood potlood. Net als vroeger. In afwachting van iets beters. Persoonlijk vind ik het onbegrijpelijk waarom het zo lang duurt voordat we een betrouwbaar systeem hebben ontwikkeld. Ik bedoel… het is nu dertien jaar later! En sindsdien is elke verkiezingsavond een bezoeking.

Eindeloze avond

Waarom heimwee? Omdat de stemcomputers veel sneller duidelijkheid gaven. Als de computers aan het eind van de dag werden afgesloten, printten ze een soort kassabon uit, die meteen het verslag van het stembureau was. Doorbellen (dat moest toen nog) en opruimen. Binnen een uur hadden we duidelijkheid over de uitkomst.

En dat duurt anno 2019 echt veel te lang. Tot diep in de nacht. We zijn gewend geraakt aan eindeloos durende, doodvermoeiende verkiezingsavonden. Aan prognoses met de nodige slagen om de arm die pas in de vroege ochtend beschikbaar komen. De meeste mensen slapen dan al lang.

De redactie wilde een eind maken aan de live uitzending, want het duurde echt veel te lang.

’s Nachts om even voor tweeën belde Mario Miscovic van RTV Noord me. De redactie wilde een eind maken aan de live uitzending, want het duurde echt veel te lang. Of ik nog een slotinterview wilde geven. Ik vertelde hem dat we nog twee gemeenten te gaan hadden en dat we die uitslagen binnen een kwartier verwachtten. Gelukkig bleven ze uitzenden. Maar ik ben benieuwd hoeveel kijkers de laatste prognose haalden.

Die prognose zag er zo uit:

Opvallend: deze prognose die ik presenteerde met een slag om de arm, komt voor 100% overeen met de definitieve resultaten die maandag door het Centraal Stembureau worden gepresenteerd. Dus je kunt zeggen dat we een betrouwbare prognose hadden aan het eind van de avond. Maar er ontstond verwarring. En die kan ik me levendig voorstellen. Dat zit zo.

Exitpoll

Aan het begin van de avond presenteerden we de resultaten van een exitpoll, dus een peiling bij de uitgang van het stembureau. Zo’n peiling geldt als redelijk betrouwbaar. We hadden hem laten uitvoeren door een bekend Gronings bureau. ’Bij met name de grote partijen kan het er wel eens een zetel naast zitten’, waarschuwde de onderzoeker ons.

Het bleek veel erger. Bij meer dan de helft van de partijen zat de peiling er naast. In een paar gevallen ook meer dan één zetel. Geoefende kijkers konden zien dat de staafdiagrammen die binnenkwamen uit de gemeenten niet klopten met de peiling. Maar toen waren er al veel interviews afgenomen (“Het zijn natuurlijk maar peilingen, maar…”). En de toon van de avond was gezet.

80%-versie

De eerste gemeente die binnenkwam was Groningen. Burgemeester Peter den Oudsten kwam hem persoonlijk brengen. En hij zei erbij: “Dit is een 80%-versie. Als we gaan wachten op de stembureaus die de laatste 20% vertegenwoordigen, wordt het veel te laat.” Het gaf wel een indruk van de stemverhoudingen. Maar om de uitslag te kunnen bepalen, heb je aantallen stemmen nodig. Daarom besloten we om de cijfers van de Gemeente Groningen te vermenigvuldigen met 5/4. De aanname was dat de laatste 20% ongeveer net zo stemde als de 80% die Groningen al had geteld.

Dus toen ik om half drie de definitieve prognose presenteerde (zie boven), legde ik er bij uit, dat er nog een aantal onzekerheden in zaten.

In de loop van de avond werden er nog wat staafdiagrammen op het bord getoverd, die er opvallend uitzagen. Die van Veendam werd gecorrigeerd. Die van Loppersum geloof ik niet, maar de cijfers zijn wel dubbel gecheckt. Dus toen ik om half drie de definitieve prognose presenteerde (zie boven), legde ik er bij uit, dat er nog een aantal onzekerheden in zaten. de 80% van Groningen, een ontbrekend stembureau in Bedum en mogelijke fouten die in de loop van het proces gemaakt waren. Het was, kortom, een prognose.

ANP: andere cijfers

Na een korte nacht werd ik wakker gebeld door mijn vrouw. Ze had de uitkomsten van Groningen gezien op de NOS-site. De PvdA, niet GroenLinks was de grootste geworden. En ook verder waren er forse afwijkingen van het beeld van uren daarvoor. Verwarring, ook bij mij. Hadden ambtenaren vannacht doorgewerkt en het ANP van latere cijfers voorzien? Hadden gemeenten andere cijfers naar de pers gestuurd dan naar ons? De medewerkers die ’s nachts zo hard hadden gewerkt, lagen nu onbereikbaar in hun bed. En zo duurde het uren voordat ik doorhad dat het ANP geen rekening had gehouden met de 20% ongetelde stemmen in Groningen en wij wel. Maar toen was het kwaad al geschied.

Verbazend vind ik dat de media die dagen later de uitkomsten van de statenverkiezingen brengen, nog steeds uitgaan van deze verkeerde cijfers.

Alle media namen de ANP cijfers over. En de conclusies. Zelfs het overzicht in de kranten van vrijdag (waaronder het Dagblad van het Noorden) stonden nog steeds de verkeerde cijfers. Sterker nog: op het moment dat ik dit schrijf – zaterdagavond – ziet de NOS-site er nog steeds zo uit:

De websites van landelijke kranten bevatten ook nog steeds deze onjuiste gegevens. Verbazend is niet dat het ANP een andere keuze maakte dan wij en alleen de stemmen meenam die waren geteld. Verbazend vind ik dat de media die dagen later de uitkomsten van de statenverkiezingen brengen, nog steeds uitgaan van deze verkeerde cijfers.

Hoe komen die grote verschillen?

In absolute aantallen gaat het niet om enorme afwijkingen. Maar bij de zetelverdeling ontstaan wel grote verschillen. Hoe kan dat? Dat komt doordat er veel partijen in Provinciale Staten komen en er tegenwoordig ook geen echt grote partijen meer bestaan.

In zo’n gelijk speelveld kan een klein verschil in stemmen er maar zo voor zorgen dat restzetels bij een andere partij terecht komen.

Hoe werkt dat dan?

Restzetelverdeling in een paar woorden: als je alle uitgebrachte stemmen deelt door het aantal zetels, dan weet je hoeveel je moet halen voor één zetel. Als je de stemmen die één partij behaalde deelt door dat getal (de ‘kiesdeler’) weet je hoeveel ‘volle’ zetels elke partij heeft gehaald. Die zetels krijgen ze alvast. Maar dan hebben ze allemaal nog stemmen over en zijn bovendien niet alle zetels op. Dat zijn de ‘restzetels’.

Het systeem is niet moeilijk. Maar bij uitslagen met veel partijen die ongeveer even groot zijn, leiden kleine veranderingen in de telling al snel tot een andere uitslag.

Die verdeel je door alle stemmen die een partij heeft gehaald te delen door het aantal volle zetels plus één. De partij die dan per zetel de meeste stemmen haalt, krijgt de eerste restzetel. Daarna herhaal je dat voor de volgende restzetel, met zolang totdat ze op zijn. Het systeem is niet moeilijk. Maar bij uitslagen met veel partijen die ongeveer even groot zijn, leiden kleine veranderingen in de telling al snel tot een andere uitslag.

Gewoon wachten?

Verwarring over de uitkomst van verkiezingen is niet mooi. En het was er wel degelijk. Een makkelijke manier om dat te voorkomen zou kunnen zijn: gewoon wachten op de definitieve uitslag. Waarom laten we ambtenaren niet gewoon rustig hun werk doen om de maandag na de verkiezingen in alle rust kennis te nemen van de uitslag? Het antwoord laat zich raden: we zijn dat in Nederland niet gewend. En het schept ook vertrouwen als we de uitslag van de verkiezingen snel kennen.

In 2016 werd het voorstel gedaan om opnieuw te gaan experimenteren met stemcomputers. Maar de Tweede Kamer vond het niet nodig. Stemcomputers kosten geld en dat kun je ook aan andere dingen uitgeven. Ik denk dat het hoog tijd wordt om het stemsysteem een beetje meer bij de tijd te brengen. Technisch kan het al lang. Laten we het gewoon gaan doen.

20 gedachten over “Heimwee naar stemcomputers”

  1. Als software ontwikkelaar ben ik pertinent tegen “de stemcomputer” zoals we deze ooit hadden.
    Daarmee leg je de mogelijkheid tot fraude en manipulatie bij 1 of een paar personen.
    Deze kunnen ook gedwongen worden.

    Het is namelijk heel eenvoudig om een systeem data te laten manipuleren en er toch betrouwbaar uit te laten zien.

    Ga dus niet een democratisch proces bij 1 point of failure neerleggen om wat gemak.

    1. Je kunt het systeem natuurlijk ook per stem een, door de kiezer, controleerbaar bonnetje laten printen. Die kan de kiezer na controle dan weer in een stembus gooien. Heb je én snel de uitslag, én een manier om deze te checken.

      1. Klopt, en dat is ook deels waar ik op doelde met “zoals we die ooit hadden”.
        Volgens mij is zo’n telsysteem ook prima mechanisch te maken, of in elk geval mechanisch te verwerken.
        Zo gek was het systeem met de ponskaarten niet en volgens mij kan iedereen die een vakje kan inkleuren ook wel een gaatje maken in een stukje karton.

        Zelfs als je al een bonnetje maakt wat als hertelling gebruikt kan worden, wie zegt dan dat men niet ook daarover gaat zeggen “dat is niet meer nodig en tijdverspilling”. Dan heb je in feite al de telling volledig digitaal gemaakt en daar zit ‘m nu net het probleem.
        Het probleem zit ‘m er gewoon in dat het volledig transparant moet zijn en dat je hierbij simpelweg niet kunt vertrouwen op software.
        Bij handmatig tellen zul je telfouten hebben, maar door de grote aantallen zul je nagenoeg op het juiste aantal zitten..
        Bij software weet je gewoon niet wat de foutmarge is, omdat je die kunt manipuleren. Alle medewerkers van alle stembureaus kun je niet manipuleren.

        1. Om de betrouwbaarheid van de software maak ik me niet zo veel zorgen. Bij het handmatig tellen van stemmen worden zoals je zelf al aangeeft ook fouten gemaakt. Als je een paper trail hebt in combinatie met een steekproef die groot genoeg is kun je wel redelijk garanderen dat er niet met het systeem gesjoemeld is: er hoeft immers maar één verkeerd getelde stem te worden gevonden om een volledige handmatige telling te rechtvaardigen. Wat dat betreft zou de controle beter worden in plaats van slechter.

          Wat betreft het afschaffen van de bonnetjes/paper trail: het is een integraal onderdeel van het hele stemproces (met een duidelijk doel want de bonnetjes bewijzen een legitiem verloop) afschaffen gaat niet gebeuren.

    1. Stemmen met je DigiD en “stemgeheim” zijn niet heel makkelijk met elkaar te verenigen.
      Als je het stemmen zou willen automatiseren, zul je er heel goed op moeten letten dat je dit later niet weer aan elkaar kunt koppelen.

  2. Het moet anno 2019 toch mogelijk zijn om iets nagenoeg (alles valt te kraken) veilig te ontwerpen. En dat mag wat mij betreft ook wat kosten qua ontwikkelbudget. Alle mensuren die er nu landsbreed aan worden besteed zijn ook niet gratis.

  3. Meneer Paas lijkt niet te begrijpen wat het doel van verkiezingen is.

    Het doel is niet ‘snel’ of ‘modern’. Het doel is dat verkiezingen *betrouwbaar* zijn. De kiezer heeft al zo weinig vertrouwen in de democratie, ga er dan niet aan zitten morrelen met stemcomputers waarvan experts zeggen dat ze niet veilig zijn en een levensgroot risico voor manipulatie vormen.

    Meneer Paas, u lijkt als de eerste de beste ambtenaar in middelen te denken. U bent echter bestuurder en u zou dus in doelen moeten denken. Betrouwbare verkiezingen dus, waar de kiezer daadwerkelijk op kan vertrouwen. Dat de uitslag van betrouwbare verkiezingen wat langer op zich laat wachten is bijzaak. Het gaat om kwaliteit, niet om snelheid.

  4. Het centrale probleem van stemcomputers is en blijft: ik kan niet controleren wat er in dat doosje gebeurt. Dat is in een democratie een fundamenteel probleem. Zodra een overheid zegt: we hebben het (de electronica, de regels programmeercode, of wat dan ook) gecontroleerd, geloof ons nou maar, bemoei je er maar niet mee, dan is het tijd om vragen te gaan stellen. Transparantie van het proces waarmee we kiezen wie er de baas over ons mag spelen is essentieel in een democratie. Dat we het moeilijk vinden geduld te hebben voor alles geteld is, doet daar niets aan af.

  5. Dus omdat het peilingbureau en de media fouten maken, moet de stemcomputer maar weer ingevoerd worden? Dat is toch het paard achter de wagen spannen?

    Ik werk in de IT, maar ben het volledig eens met de stelling dat je zo min mogelijk IT moet gebruiken bij een verkiezing. Het gaat om controleerbaarheid door een zo groot mogelijke groep. Iedereen snapt biljetten met rode hokjes en kan ze ook tellen. De technologie achter een stemcomputer wordt maar door weinigen begrepen, waarmee het vertrouwen in de verkiezingen afneemt.

    Een controle-bonnetje is een oplossing, maar alleen als de definitieve uitslag door telling van die bonnetjes tot stand komt. Maar in dat geval vraag ik me hardop af of de stemcomputer dan niet een extreem dure exitpoll zal worden.

  6. Als dat tellen zo vreselijk is waarom meld je je dan VRIJWILLIG aan voor het stembereau?
    Ik ben ict’er en pertinent TEGEN stemcomputers.
    Dit is simpel, duidelijk en ja , een pest werkje. Daarom heb ik me ook aangemeld bij het stembureau. niet zeuren maar tellen.
    Waarom een complex en fraude gevoelig systeem als het ouderwets en grondwettelijk verantwoord kan.
    Als je printer het niet doet, verstuur je je brief dan niet of pak je even een pen?

    Ik zie het probleem niet, hup meehelpen en tellen, het is maar een paar keer en niet eens elk jaar.

    Is dat nou een te hoge prijs voor een democratie?

  7. Je zou soweiso iets aan het stembiljet kunnen doen. Als makkelijker te zien is op welke partij iemand gestemd heeft kun je de stemmen eerst per partij snel tellen, en dan nog eens langzaam per kandidaat. Het gaat er in deze discussie namelijk primair om dat de uitslag snel bij de media bekend is (want och och, we zouden toch eens op een resultaat moeten wachten he). Sowieso maak je het systeem een stuk makkelijker te tellen als je de 95% van de kiezers die op een lijsttrekker (lees: partij) stemmen visueel kunt onderscheiden van de rest en daarmee snel kunt sorteren zodat voorkeurszetels op een later moment en op basis van een beperkt aantal biljetten worden verdeeld..

    Ik vind dat je als bestuurder een (behoorlijk) bord voor je hoofd hebt als je zoiets uit waarna de commentaren vol staan van mensen met verstand van zaken die zonder uitzondering roepen dat dit een zeer slecht idee is. Ik heb echt geen slecht beeld heb van onze comissaris van de koning, maar op dit vlak wordt wat mij betreft de plank volledig misgeslagen.

  8. Digitaal stemmen is intrinsiek onverenigbaar met de combintie van stemgeheim en betrouwbaarheid/controleerbaarheid. Ook na een “bonnetjescontrole”. Inderdaad vooral ook omdat een subtiele beïnvloeding ondetecteerbaar is en tegelijkertijd grote impact kan hebben (wat u in de blog al weergeeft).
    Elektronisch stemmen kan alleen als de stemcomputers van voldoende verschillende en onafhankelijke leveranciers zijn (en dat is economisch waarschijnlijk niet haalbaar). Alleen zo is een systematische fout uit te middelen.
    Bij de afweging tussen democratische integriteit en een beetje gemak kies ik voor het eerste. Ik kan en wil het nog lang volhouden als stembureaulid.

  9. Ik ben geen ICT’er, wel al een jaar of 10 vrijwilligster op stembureaus. Stemmen via de computer is erg onverstandig en echt niet nodig.
    – Er is geen ‘paper trail’.
    – Geen idee wat er in de computer gebeurt.
    – Geen zicht op computerinbrekers en hackers.
    – Stemgeheim is niet gewaarborgd.
    -Huidige stemcomputers, de Nedaps, zijn bewezen onveilig.
    -Nieuwe stemcomputers worden Europees aanbesteed. De klus gaat naar de goedkoopste, niet naar de veiligste.

    Kort en goed: ik denk dat de baten (makkelijker stemmen tellen, uitkomst sneller bekend) niet opwegen tegen de kosten (telling stemmen niet meer te controleren), en dat er dus helemaal geen sprake zal zijn van vooruitgang.

    Het stembureau in de stad Groningen waar ik dit keer zat, had alle stemmen, voor drie verkiezingen (PS en 2 waterschappen) voor 23 uur, dus minder dan 2 uur na sluiting van de stembussen geteld en doorgegeven. De methode van het ‘papieren tellen’ wordt elke verkiezing weer een beetje efficiënter. Als u 2 uur wachten te lang vindt, dan moet u de catalogus van Netflix nog eens wat beter doorpluizen.

    Een gedeeltelijke computerisering, zoals het via een iPad controleren van het Register Ongeldige Stempassen en het via dezelfde device invullen en versturen van een voorlopige uitslag, draagt voldoende bij aan de snelheid. Als het Stad-Groninger systeem bij de volgende PS-verkiezingen in de hele provincie is ingevoerd, is er over vier jaar echt ruimschoots voor middernacht een zeer betrouwbare prognose.

  10. In Midden Groningen, waar ik gestemd heb, waren de stembussen beplakt met plakkaten met grote gekleurde logo’s in de gemeentekleuren en de aanduiding van de betreffende verkiezing
    De ene kliko had een plakkaat in een opvallende blauwgroene kleur, de andere kliko had een plakkaat in een paarsoranje kleur.
    Terwijl ik er stond ging het een aantal keer mis.
    Mensen keken naar het blauwgroene plakkaat en stopten daar het blauwe stembiljet van de Provinciale Staten verkiezing in, terwijl daar dus het stembiljet van de Waterschapsverkiezing in moest, en vice versa.
    Ik vroeg aan een vd mannen op het stembureau (beide aanwezigen waren van PvdA-origine) waarom de kleuren op de kliko’s zo verwarrend waren en of witte plakkaten niet handiger was geweest.
    ‘De gemeente had bedacht dat de blauwgroene kleur mooi bij het Waterschap paste. En wist toen nog niet dat de stembiljetten van de Provinciale Staten verkiezing blauw zou zijn.’ was het antwoord.
    Maar mensen stoppen een blauw biljet vaak automatisch in een bak met een blauwe kleur. Dat is een psychologische beïnvloeding.
    De meneer die mensen er op moest wijzen was verscheidene malen te laat met corrigeren.
    Dat betekent dat die stembiljetten dus voor beide verkiezingen in de verkeerde kliko verdwenen.
    Het lijkt me dat dit bij alle stembureaus in de gemeente Midden Groningen heeft gespeeld.
    Ik vroeg of biljetten die per ongeluk in de verkeerde bus waren gegooid ook ongeldig waren.
    De meneer van het stembureau kon me daar geen antwoord op geven.
    Ik heb de, door de burgemeester ondertekende, uitslagen van beide verkiezingen bekeken en zag discrepanties tussen de hoeveelheid ‘te veel, te weinig en ongeldig’ qua stembiljetten bij de Waterschapsverkiezing en de Provinciale Staten verkiezing.
    Ook was er geen toelichting bij.
    Al met al een vreemde zaak.
    Waar ik niks over heb gehoord of gelezen in de media.
    Toch het onderzoeken waard, lijkt me. Midden Groningen is een grote gemeente. Veel kleine stembureaus.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *