Het weerbericht van gisteren

Een jaarverslag over 2017

In de hectiek van alle dag was ik hem haast vergeten. Over de verrichtingen in dit kalenderjaar breng ik elke maand een ‘Paasrapport’ uit. Maar hoewel we inmiddels bijna halverwege 2018 zijn, heb ik het jaarverslag over 2017 nog steeds niet netjes verzorgd. Dat maak ik vandaag goed. Natuurlijk geen boekje. Maar een digitale terugblik.

Gek genoeg was er niemand die er op aandrong dat ik mijn jaarverslag zou uitbrengen. Een jaarverslag leest altijd een beetje als het weerbericht van gisteren. Zeker met de hectiek van het dossier van de gasbevingen en de actuele kwesties in het bestuur van onze provincie, neemt de actualiteit altijd voorrang.

Veldkennis

Toch is het goed om terug te blikken op het afgelopen jaar. En ja, dat had best een beetje eerder gemogen. Bij de publicatie van mijn jaarverslag 2017 sta ik eventjes met een been in het nu en met mijn andere been in de geschiedenis. Het was mijn eerste volledige kalenderjaar als commissaris van de Koning in Groningen.

Ik heb in ieder geval genoeg veldkennis om te weten dat ik fantastisch werk heb.

Waar ik in 2016 bijna elke dag dingen voor het eerst deed, kwam ik in het jaar daarop zaken tegen die ik herkende. Waarin ik inmiddels enige ervaring had. Hoe leid je een statenvergadering? Wie moet je spreken in Den Haag en in Brussel? Waar moet je op letten bij de GS-vergadering op dinsdag? Hoe ontvang je de koning en de koningin? Waar moet je zijn in onze provincie voor interessante, inspirerende verhalen? In het begin onderging ik het allemaal. In 2017 wist ik beter wat er zou komen en hoe ik daar tegenaan kijk.

‘Veldkennis’ noemen ze dat in de wetenschap. Ik heb in ieder geval genoeg veldkennis om te weten dat ik fantastisch werk heb. Want ga maar na: er waren talloze ontmoetingen met inwoners, organisaties, bedrijven en instellingen die met mij in gesprek gingen over hun ideeën voor de toekomst. Ideeën waar ze de provincie soms hard bij nodig hebben, maar soms ook alleen een klein zetje vroegen. Of zelfs dat niet en mij vooral uit enthousiasme informeerden.

Aardbevingen

Natuurlijk sprak ik ook inwoners over de aardbevingen, de schade aan hun huis en de manier waarop zij bejegend werden om die schade hersteld te krijgen. Dat zijn elke keer indringende gesprekken, die mij scherpen om waar het maar kan in Den Haag deze taaie en weerbarstige materie een duwtje te geven in de goede richting. Opvallend is ook dat ik tot de dag van vandaag niet één Haags of Brussels gesprek heb gevoerd dat niet tenminste óók ging over de gevolgen van de gaswinning.

Dat gold ook voor 2017. Er was een lijsttrekkersdebat in ons provinciehuis, waar vrijwel alle landelijke politieke coryfeeën aan meededen. Waar ze uitspraken deden die hielpen bij de lobby. Er waren talloze gesprekken in Den Haag om ervoor te zorgen dat er in het nieuwe regeerakkoord een paragraaf kwam over de gevolgen van de aardbevingen. Een paragraaf die ervoor zorgt dat we niet opnieuw vier jaar meemaken zoals tijdens het vorige kabinet.

Bevoorrecht

De boegbeeldrol begon te wennen. Er kwamen ministers, er kwamen Kamerleden, leden van het Koninklijk Huis bezochten Groningen, er was veelvuldig contact met Duitse bestuurders, ik sprak honorair-consuls en ambassadeurs en ik zag in Friesland en in Drenthe een collega-commissaris gaan en hun opvolgers komen.

Samen maken we het beter. En voor mij staat vast: elk volgend jaar zijn we stukken verder.

Contact met Groningers was er op tal van manieren. Ik mocht als leek een preek in de Remonstrantse kerk in Stad houden en de Maxima-winkel in Sappemeer openen, ik mocht prijzen uitreiken, ik sprak op 4 mei op het Martinikerkhof, ik mocht de gerestaureerde Molukse kerk Eben Haezer in Appingedam heropenen, ik schreef een voorwoord in de studentenalmanak van studentenvereniging Vindicat, ik hield inleidingen voor allerlei verenigingen en clubs, ik mocht eerste exemplaren van prachtige boeken in ontvangst nemen, ik werd door media gevraagd om namens het provinciebestuur te reageren op nieuws, ik bezocht boeren, start-ups, ik ging langs bij scholen en ik mocht een jonge grauwe kiekendief in mijn handen houden – en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Als mijn werk me iets duidelijk maakt, dan is het wel dit: wie dit werk mag doen, is een bevoorrecht mens. Groningen is een prachtige provincie. Met prachtige mensen. Waar veel goed gaat. Waar we met de aardbevingen en de werkloosheid enorme problemen hebben. Maar waar de kansen nog altijd groter zijn dan de problemen. Samen maken we het beter. En voor mij staat vast: elk volgend jaar zijn we stukken verder.

Eén gedachte over “Het weerbericht van gisteren”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *