Marathon

Ik ben inmiddels wel wat gewend. In het openbaar bestuur – en trouwens ook bij de vakbond – mag je er niet op rekenen dat alle bejegeningen op social media en in je email even gepolijst zijn. Maar de cantor-organist van de Nieuwe Kerk, krijgt de prijs voor de meest intimiderende email van deze week.

Foto: orgelnieuws.nl

Woensdag nodigde hij de zangers van het Cantate Consort, waaronder ondergetekende, uit voor de feestelijke ingebruikneming van het gerestaureerde Timpe-orgel in de Nieuwe Kerk. Hij deed dat als volgt:

“Beste zangeressen en zangers, a.s. vrijdag 15 juni wordt het orgel in de Nieuwe Kerk na een grondige restauratie weer in gebruik gesteld. Vanaf 18 uur tot 22 uur is er een orgel-marathon waar negen organisten hun kunsten zullen vertonen. René zal de aftrap doen en ik zal tegen half zeven het orgel bespelen met C.Ph.E. Bach en Mendelssohn.”

Ongetrainde vingers

Daarmee wekte hij toch tenminste de suggestie dat ik het eerste halfuur van de marathon voor mijn rekening zal nemen. Het zweet stond in mijn handen! Ik heb als kind zes jaar orgelles gehad. Ik kan er niet over opscheppen. Ik ben nooit verder gekomen dan de werken die de grote Bach samenstelde ‘für Anfänger’. En sinds mijn veertiende gaat het bergafwaarts. Met steeds meer moeite zwoeg ik mij met stramme, ongetrainde vingers door de Kleine Präludien und Fughetten en het Notenbüchlein heen.

Vroeger, toen mijn vrouw daar predikant was, probeerde ik wel eens het veel minder prestigieuze orgel van de Immanuelkerk uit. Maar alleen wanneer de koster bezig was met het stofzuigen van de zalen. Hij begreep waarom dat was!

Laten we snel beginnen, want we hebben maar vijf uur de tijd!

Mijn bijdrage aan de marathon is dus gesproken woord. Een paar jaar geleden had de VPRO op de vrijdagen altijd een marathon-interview op de radio. Ik luisterde een keer naar het interview met de schrijver Hugo Claus. Wie de interviewer was, weet ik niet meer. Maar hoe hij begon wel. Hij zei: Hugo, laten we snel beginnen, want we hebben maar vijf uur de tijd!

Ik realiseer me dat de aanwezigen zich ook ongeveer zo moeten voelen. Ze hebben in de ongemakkelijke houten banken een lange avond voor de boeg, met een orgel-marathon die tot vanavond 23 uur duurt. Echte liefhebbers, voor wie de marathon dus direct mag beginnen.

Geschrokken

Toch moeten ze het nog even met mij doen. Want ik mag de marathon aftrappen, zoals in het programma staat gemeld. Een programma, dat als doel heeft om het gerestaureerde Timpe-orgel in het zonnetje te zetten. Daar heb ik me grondig op voorbereid. Ik heb even de gezaghebbende website ‘orgelnieuws.nl’ bezocht. En ik ben eerlijk gezegd wel geschrokken van dit orgel. Het Timpe-orgel kent een geschiedenis van veel restauraties en waarschijnlijk even zoveel pogingen om de klank en de klankkleur op orde te krijgen. Ik las ergens dat het orgel soms werd vergeleken met Doornroosje. Een schitterende schoonheid, maar wel al honderd jaar in slaap.

Een orgel dat eigenlijk al sinds de oplevering voortdurend reparaties en restauraties moest ondergaan.

Vandaag is dus de lakmoesproef. De aanwezigen kunnen bepalen of het schoonheidsslaapje van deze Doornroosje voldoende resultaat heeft gehad. Of beter gezegd, of de restauratie goed is gelukt.

Als je het verslag van deze restauratie leest, met allerlei verwijzingen naar de geschiedenis van dit orgel, dan doemt het beeld op dat het een lastig orgel is. Een orgel dat eigenlijk al sinds de oplevering voortdurend reparaties en restauraties moest ondergaan.

Nachtmerrie

Al dat werk heeft wisselend resultaat gehad. Ik las bijvoorbeeld dat men in 1840 al met het tongwerk van de hobo bezig is geweest ‘wegens haren ellendigen toon en doordien zij niet naar de stemming wil luisteren’.

Een instrument dat niet gestemd wil of kan worden. Dat is natuurlijk de nachtmerrie van elke organist. ‘Wees niet een dier dat koppig tegenstreeft, zich slechts aan toom en bit gewonnen geeft’, om eens een psalm te citeren.

De marathon is begonnen. De vakmensen gaan los!

Het was een hele klus. En het duurde bijna vier jaar lang. Het orgel is opnieuw geïntoneerd. En het heeft letterlijk meer lucht gekregen. Het heeft, zou je kunnen zeggen, bijna vier jaar kunnen trainen om nu aan de start van deze marathon te kunnen komen.

Zodra ik uitgesproken ben, begint het echte werk. Dan klinkt het Timpe-orgel. De kundige huisorganist van de Nieuwe Kerk demonstreert wat het monumentale instrument allemaal in huis heeft. De aanwezigen luisteren ademloos. De marathon is begonnen. De vakmensen gaan los!

Eén gedachte over “Marathon”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *