Sonnenschein in Eenrum


Ik weet niet of hier ooit zo druk was toen Het Raadhuis nog gewoon het gemeentehuis was van Eenrum. Maar het is een volle bak. Lekker warm ook, met zoveel mensen. Allemaal zijn ze afgekomen op de opening van de expositie van Antje Sonnenschein. Hoewel ik nu zo’n anderhalf jaar commissaris van de Koning in Groningen ben, durf ik best aan de aanwezigen te bekennen dat deze opening een van de eerste afspraken is die in mijn agenda kwamen.


(Foto: de Eemsbode)

Oude afspraak

De meeste aanwezigen – want er zijn veel bekenden van de kunstenaar bij – snappen wel hoe dat kon gebeuren. Het is te danken aan Wim, de man van Antje, die tot voor kort perswoordvoerder bij de provincie was. Hoe zou ik een verzoek van hem kunnen weigeren? Mijn eerste ervaring met Wim, en met Antje, deed ik op op mijn eerste werkdag als commissaris. Het leek me passend om op die eerste maandag te praten met mensen die in een huis wonen met aardbevingsschade.

Een goed idee, maar het kwam nogal laat. En ik zag een paar mensen in mijn staf paniekerig kijken. Het kwam goed, want deze problemen bestaan ook onder de medewerkers van de provincie. En zo zat ik al snel aan tafel in de oude boerderij van Wim en Antje in Wirdum. Elke keer als ik met gedupeerde inwoners spreek, maakt dat indruk. Maar het gesprek met Wim en Antje staat me nog altijd bij. Over de schoorsteen ging het: die moest er af. En over scheve muren en over de oude dakpannen die te zwaar waren. En over de langdurige onzekerheid: wat gebeurt er eigenlijk na de inspectie?

Inmiddels is Wim een echte pensionado. Ik heb hem in het laatste jaar van zijn werkzame leven meegemaakt. En me tijdens de GS-vergaderingen, waar hij bijna altijd bij was, wel eens afgevraagd hoe dat in huize Trip zou gaan. Wim, die redelijk onverstoorbaar van aard is, en dan een scheppend kunstenaar om hem heen. Iemand die vast op het allerlaatste moment, dus ook vlak voor deze expositie, nog volop aan het schilderen is. Antje vertelde in haar dankwoord dat die tijdsdruk ook komt door de strenge galeriehoudster, Ankie Onnes, die haar altijd houdt aan haar afspraken. Dan is het goed om te weten dat Wim als een baken van rust en redelijkheid op tijd zorgt voor een maaltijd.

Roze koolzaad

Sommige mensen hebben alles mee. Want wat een zegen is het als je de achternaam zonneschijn krijgt bij je geboorte. En als je geboorteplek dan ook nog het dorp Lilienthal – Leliendal…. Dan sta je eigenlijk al op zo’n grote voorsprong in de wedstrijd, dat er verder niets mis meer kan gaan.

De Duitse schilder David Caspar Friedrich – hij leefde in de 18e en 19e eeuw – zorgde voor een vernieuwing in de beeldende kunst. Want waar eerder de natuur als een soort achtergronddecor werd gebruikt, zette Friedrich die natuur juist in om menselijke gevoelens te verbeelden. Hij deed dat door fragmenten die hij eerder op verschillende momenten en locaties naar de natuur had getekend, bijvoorbeeld op het eiland Rügen in de Oostzee, opnieuw te monteren. Je kijkt daardoor naar imposante natuur, die in werkelijkheid nooit zo heeft bestaan, maar die levensecht en betrouwbaar overkomt.

Zoiets onderga ik ook als ik naar het werk van Antje kijk. Het is inderdaad het kerkje bij Oostum, maar toch ook weer niet. Het is een koolzaadveld, maar dan in een roze zoals ik het geel niet ken. Het is een boerderij op het Hogeland, maar ik heb hem in het dagelijks leven nog nooit gezien. Dat is natuurlijk helemaal niet erg. Want beeldende kunst hoeft niet waarheidsgetrouw te zijn. Niet voor niets luidt de uitdrukking dat je ‘naar de natuur’ schildert. Je gebruikt de natuur als richting, maar zonder de belofte dat het een letterlijke kopie is.

Het is misschien gek om hier David Casper Friedrich aan te halen, waar Antje Sonnenschein zelf altijd direct een verband legt tussen het Duitse expressionisme van schilders als Modersohn en Nolde. Beiden werkten aan hun oeuvre in Worpswede – het Worpswede dat vlakbij Lilienthal ligt, waardoor Antje als kind al in aanraking kwam met deze schilders.

Waar je in het werk van Emil Nolde mensen recht kunt aankijken, en bij Friedrich de mens juist meestal op de rug beziet, daar valt in het werk van Antje de afwezigheid van de mens op. Natuurlijk, we zien een landschap dat door mensenhand is bedwongen. We zien een kade, een kerk of een boerderij. Maar de mens zelf is afwezig.

Gemompel

Praten over het werk van Antje, gaat bij mij een beetje als in het gedicht ‘Gemompel’ van Remco Campert:

Hoe duidelijker ik ’t wil zeggen / hoe slechter ik uit mijn woorden kom / dit lijkt me een typisch verschijnsel / van het een of ander.

En zo is dat met het werk van Antje Sonnenschein, zonder mensen, ook. Dat zij geen mensen schildert, dat zij kiest voor deze thema’s en deze kleuren, is vast een typisch verschijnsel van het een of ander. In mijn praatje bij de opening stel ik voor om het daar maar bij te laten. Want soms is het om het raadsel intact te houden, dan aandringen op het antwoord hoe iets nou echt zit.

Ik wens Antje veel geluk met deze expositie. En ik heb vandaag zoveel bewonderaars van haar werk gesproken, dat ik denk dat dat geluk niet zal uitblijven. Ze heet niet voor niets Sonnenschein.

Eén gedachte over “Sonnenschein in Eenrum”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *