Verre vrienden ontdekken dat ze buren zijn


Ik mag de provinciebestuurders uit het hele land welkom heten in onze eigen Martinikerk. Ze waren hier gisteren ook al en hebben vaak al een nacht doorgebracht in de leukste, de mooiste en gezelligste stad van Nederland. Een stad zonder sluitingstijden. Maar het gezelschap kijkt opmerkelijk fris terug terwijl ik de tweede congresdag open. Het IPO-congres. Provincialer wordt het niet. En ik heet de statenleden, de gedeputeerden en mijn collega-commissarissen welkom, ‘helemaal in Groningen’.

Foto: Willemien Koning

‘Helemaal’ en ‘Groningen’

Toen wijlen Wubbo Ockels in oktober 1985 als eerste Nederlandse astronaut met de Space Shuttle meeging, was dat groot nieuws. Cartoonist Nico Visscher tekende voorop de voorpagina van het Nieuwsblad van het Noorden een piepklein aardbolletje. Daarvoor zweefde een kleine Space Shuttle. En daar boven was een tekstballonnetje: ‘Zo meneer Ockels, helemaal uit Groningen?’.

We zijn vandaag met provincialen onder elkaar. Dus velen zullen het beeld herkennen. Ik kom bijna elke week in Den Haag. En bijna altijd is er iemand die de woorden ‘helemaal’ en ‘Groningen’ in dezelfde zin gebruikt. Of die het heeft over het ‘hoge noorden’. Of subtieler: ‘ik hoop niet dat dit uw enige afspraak in Den Haag is, vandaag’. Meestal ontken ik het beleefd. Ik geef toe: we lokken het uit, door al dertig jaar op te scheppen: ‘er gaat niets…’

Aah, Groningen! Dat is héél ver he!

Maar het was toch wel apart toen ik op een receptie bij de Chinese ambassadeur sprak met wel héél goed ingeburgerde Chinezen. En toen ik uitlegde wat ik deed voor de kost, kreeg ik de enthousiaste reactie: ‘Aah, Groningen! Dat is héél ver he!’ Wij maken elkaar – en dus zelfs Chinezen, die zijn opgevoed in een echt groot land– wijs dat er in ons dwergstaatje grote afstanden bestaan. En als je het vaak genoeg hoort, ga je het vanzelf geloven.

En daarmee bewijzen we Nederland geen dienst. Want wie het nieuws een beetje volgt, ziet dat de verstopping van de Randstad zorgelijke proporties aanneemt. Met fijnstof, krapte op de woningmarkt, veel te veel toeristen, gebrek aan personeel en voortdurend groeiende files. Je kunt dus zien dat de Randstad een beetje lucht nodig heeft. En de andere helft van Nederland kan dat prima bieden.

Kluitjesvoetbal

Om het in de termen van Ronald Koeman te zeggen: onze kabinetten spelen al jaren kluitjesvoetbal. Maar het veld is veel groter. We moeten de flanken beter benutten. Dat vergt ook investeringen, maar ze kunnen al gauw uit! Ga maar na. In de Noord- en Zuid-Holland en Utrecht woont ruwweg de helft van de inwoners van Nederland. En in deze drie provincies wordt iets meer dan de helft van het Bruto Nationaal Product verdiend. De andere helft van de inwoners verdient dus buiten de randstad de andere helft van het BNP.

En hoogwaardige verbindingen die in het voordeel van het hele land zijn.

Het kabinet denkt de komende tijd na over een investeringsfonds van misschien wel 50 miljard euro. Een centraal begrip daarin is ‘rendement’. En we mogen hopen dat het kabinet daarbij gretig op zoek gaat naar investeringen die de krachtigste impuls geven aan onze nationale economie.

Zodat die economie zichzelf opnieuw uitvindt. Nieuwe verdienmodellen, die ons allemaal welvaart opleveren. En hoogwaardige verbindingen die in het voordeel van het hele land zijn. Snelle vervoersverbindingen, maar ook energieverbindingen. En het kan dan best eens zijn dat de economie van morgen verrassend provinciaal is.

Energietransitie

Onze regio zoekt de economie van morgen in de energietransitie. Als er ergens de urgentie wordt gevoeld om over te schakelen naar niet-fossiele brandstof, dan is het hier. Er is een keiharde en nare associatie tussen Groningen en aardbevingen.

We weten intussen echt dat die afslag meer dan levensvatbaar is, gezien de vele concrete businessvoorstellen die bedrijven hier lanceren. Met een waterstofeconomie, die gebruik kan maken van het fijn vertakte netwerk van de Gasunie door heel Nederland. Met windmolenparken en-eilanden op de Noordzee. Met een vergroening van de chemie die haar CO2-uitstoot in 2030 wil halveren en in 2050 CO2-neutraal wil zijn. En met een Eemshaven, die groene energie uit Scandinavië verder Nederland in brengt. En met al jarenlang een top 2-positie op het terrein van startups.

We zijn op de goede weg. Deze transitie is niet te stoppen.

Als wij zeggen dat we het groene stopcontact willen zijn van Nederland, is dat een serieus te nemen ambitie. Dat is geen juichverhaal. Want het gaat niet vanzelf. En toch: we zijn op de goede weg. Deze transitie is niet te stoppen.

Eigenlijk buren

Ik wens ons allemaal zulke onomkeerbare ontwikkelingen. We gaan het er uitgebreid over hebben. En ik hoop van harte dat de zoektocht naar de economie van de toekomst een inspirerend verhaal zal zijn. Een verrassend provinciaal verhaal, waar we vandaag, ‘hélemaal in Groningen’, de basis voor leggen.

Ik hoop dat hier vandaag, in en rond de Martinikerk, verre vrienden ontdekken dat ze eigenlijk buren zijn. En zo begint een prachtige en inspirerende tweede dag van het IPO-congres!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *