Andere toekomstvisies

Oud-studenten van de rijksuniversiteit Groningen. Ik kom ze regelmatig tegen. . Sommigen vertellen me dat hun dochter nu ook in Groningen studeert. Anderen krijgen een wazige blik in hun ogen. ‘Dat is lang geleden.’ Ze associëren 'Groningen' met ‘op kamers’, feesten, tentamenstress en verliefdheid. Ach ja, Groningen. Dat was nog eens een tijd! Vanavond zijn er een heleboel bij elkaar op een bijeenkomst voor 'alumni' in Den Haag. Om met elkaar te praten over de bevolking in 2050.

Ik denk dat de meeste aanwezigen afstudeerden vóór de eeuwwisseling. Dus ruim een kwart eeuw geleden. Dan is het dus mogelijk om in gedachten een kwart eeuw vooruit te kijken, naar vandaag. Zoals de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050 een kwart eeuw vooruitkeek. Onder uitdagendere omstandigheden, want voorspellen is moeilijk, vooral waar het de toekomst betreft. De commissie bracht allerlei trends in kaart. Bijvoorbeeld als het gaat om vergrijzing, verschillen in opleiding en de effecten van migratie. 

Het wordt altijd anders

De voorspellingen van de commissie zien er robuust uit. Goed onderbouwd. Je duwt ze niet zomaar omver. Maar ik durf de voorspelling aan dat de toekomst toch anders wordt. Dat de voorspellingen niet uitkomen. Niet allemaal, tenminste. En ook niet allemaal in deze vorm.
 
Dat durf ik te zeggen op basis van toekomstvisies uit het verleden. Ik ontdekte de blog paleofuture bij de voorbereiding van mijn verhaal. Het kostte me een hele middag om me ervan los te scheuren. Maar ook de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid keek vlak na de eeuwwisseling in een boekje 'Vijfentwintig jaar later' terug op de ambitieuze toekomstverkenning van 1977.
 
De conclusie laat zich raden: vijfentwintig jaar later bleek de toekomst heel anders. Het advies van de adviseurs aan zichzelf is om vaker te werken met scenario's. Veel moderne toekomstanalyses doen dat. Trouwens ook de Staatscommissie Demografie 2050. Voorspellingen komen maar al te vaak niet uit. Het wordt eigenlijk altijd anders.

  • 'The history of the future', op paleofuture.com
  •  Vier scenario's voor de inrichting van Nederland in 2050, op pbl.nl

De nuanceringen voorbij

Van politici wordt vaak gezegd dat ze niet verder dan vier jaar vooruit kunnen kijken. Als ze dat zouden kunnen, zou het fabelachtig knap zijn. Geen mens kan dat, omdat je altijd belangrijke factoren over het hoofd ziet. Waar werken we over vier jaar? Ben je nog getrouwd? Woon je nog op hetzelfde adres? De harde waarheid is dat ieder van ons binnen een week begraven kan zijn! En dat de rest ook lastig voorspelbaar is.
 
Velen van ons hadden allerlei toekomstplannen rond ons afstuderen. En zo is het voor beleidsambtenaren en politici ook: ze hebben een idee welke kant het op moet, een notie van de wereld van morgen. En daarmee hebben ze een richting, een houvast, om keuzes voor te leggen. En keuzes te maken. Om te handelen. En dan gebeurt er iets. Oorlog in Oekraïne. COVID19. Andere leiders met andere opvattingen, in de Verenigde Staten, in Europa of thuis. Wie voorspelt de invloed van artificial intelligence op onze toekomst? Wat is de invloed van het klimaat? Of van de oorlogen?

Op een ander niveau: wie had verwacht dat de internationalisering van universiteiten zo'n vlucht zou nemen? Met het Engels als voertaal, met nu weer een tegenbeweging om het Nederlands weer vaker te kiezen? Toen ik na tien jaar terugkwam in Groningen, merkte ik dat de stad voller en internationaler was geworden. Maar ik had het niet zien aankomen.

Krimp: zegen of vloek

Hoe staat het met onze krimp? De commissie gebruikt in de landkaart van het Nederland rond 2050 voor Groningen het donkerste blauw dat er is. Om daarmee aan te geven dat de krimp hier het hardste gaat. In een stuk van de provincie, want in de corop-regio waar de stad in ligt ('overig Groningen', wie verzint zo'n regio?) is sprake van substantiële groei. En de kenners weten dat het daar gaat om veel meer inwoners. De provincie als geheel groeit, in ieder geval de laatste kwart eeuw.

Maar er is ook diepe krimp dus. Hoe erg is dat, in een land waarin veel mensen gematigde bevolkingskrimp wel een goed idee vinden? Waar je in de Randstad krimp misschien als een zegen kunt beschouwen, zien we bij ons vooral negatieve consequenties. Als een vloek. Met allerlei dynamiek ook tussen Stad en Ommeland. Een dynamiek, die politici zullen moeten zien te sturen, om te voorkomen dat het Ommeland te erg leegloopt. Welke slimme interventies zijn denkbaar? Welke maatregelen zou je sowieso kunnen nemen?

Begrijp me goed: ik geloof lang niet op alle terreinen dat mensen of de samenleving maakbaar zijn. En ook niet dat de provincie een project is dat wordt gerund vanuit het provinciehuis. Maar overheden zijn niet uitgevonden om op hun handen te zitten. En het is onze rol om op te komen voor het belang van Groningers, die van vandaag én die van morgen.

Merkbaar verschil maken

Bovendien betwijfel ik de stelligheid waarmee sommigen ons vertellen dat je aan demografie niks kunt doen. Veel jonge mensen trekken weg uit hun dorp, omdat de kansen op werk elders beter zijn. Als we in staat zijn die kansen dichter bij huis te bieden, kunnen we de trend keren.

Groningen voorop, maar heel Noord-Nederland direct in het kielzog, denkt hier al enige tijd over na. Hoe kunnen we ontwikkelingen stimuleren die voor de inwoners van Noord-Nederland een merkbaar verschil maken. En op een beetje meer ruimte voor woningbouw en economische structuurversterking. Het realiseren van dit aanbod vergt investeringen op diverse terreinen. Waar willen we de werkgelegenheid realiseren, waar woningen. En hoe zijn beide bereikbaar?

Niet voor niets dringen overheden uit de vier noordelijke provincies Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland aan op de aanleg van de Lelylijn en de Nedersaksenlijn. We hebben héél Nederland nodig om nationale kansen te benutten. Als je de verbindingen verbetert, wordt het aan beide kanten van de lijn beter. 

De toekomst is nu

Wat zijn nou nog meer zegenrijke plannen, waarmee we Groningen, Oost-Groningen in het bijzonder, op een goede manier naar een mooie toekomst leiden? We denken er hard over na. De toekomst begint nu, wil ik maar zeggen.

Dat nadenken doen we samen met het Rijk, dat met de kabinetsreactie op de parlementaire enquête heeft erkend dat het veel heeft goed te maken. Die kabinetsreactie, Nij Begun, stelt dat rijk en regio de komende 30 jaar ervoor moeten zorgen dat Groningen er een been kan trekken. Zodat de brede welvaart in Groningen op het gemiddelde landelijke niveau komt te liggen.

Dit betekent van alles als je denkt aan harde en zachte economie, aan onderwijs, aan zorg en gezondheid, aan leefbaarheid. Het rapport van de Commissie-Van Zwol kunnen we gebruiken, om verstandige dingen te doen. Om een koers uit te zetten voor de periode rond 2050. In de wetenschap, dat het in de praktijk altijd anders uitpakt. Maar aan ons mag het niet liggen!