Pieter de Boer naast een fiets

Rumoer rondom P. de Boer

Morgen is het 4 mei. Dan herdenken we zoals elk jaar de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. En niet alleen de slachtoffers van het oorlogsgeweld herdenken we. We staan ook stil bij het belang van democratie. Van mensenrechten. Van respectvol met elkaar omgaan.

Niets maakt op mij persoonlijk meer indruk dan twee minuten stilte. Ook morgen, in de wetenschap dat de oorlog in Oekraïne zijn tweede jaar is ingegaan.

De Eerste Wereldoorlog

Vandaag in Heiligerlee - de plaats waar ooit (455 jaar geleden) de Tachtigjarige Oorlog begon - staat de Eerste Wereldoorlog centraal. En geen stilte, maar rumoer. Dat ging zo. De wereld stond in brand. Nederland ving op een bevolking van zes miljoen mensen een miljoen vluchtelingen uit België op. Maar Nederland bleef neutraal. Om daarvoor te kunnen zorgen, mobiliseerde Nederland wel zo'n 400.000 soldaten. Ongeveer een kwart van de werkende mannen (PDF PDF-bestand, 2 MB). Dat heeft voor Nederland enorme gevolgen gehad. En voor de opgeroepen mannen al helemaal.

Een van die mannen was Pieter de Boer. De mobilisatie veranderde zijn leven ingrijpend. Natuurlijk, hij hoefde uiteindelijk niet te vechten. Maar de omstandigheden waren zo slecht, dat hij tbc opliep. En toen ging het van kwaad tot erger. Uiteindelijk raakte hij gehandicapt aan zijn rechterbeen. 

Pieter de Boer naast een fiets

Hij was verbijsterd dat de Staat niets had geregeld voor mensen als hij – vermoedelijk zo'n 40-45.000 mensen (ruim één op de tien!). Mensen die, net als De Boer, na afloop van de mobilisatie lichamelijk of geestelijk niet meer in staat waren om te werken en zo hun gezin te onderhouden. Geen pensioen of uitkering om hen in staat te stellen verder te leven. En zo begon de strijd van De Boer. 

Recht voor mobilisatieslachtoffers

Vaak begint verzet met woede. Woede over onrecht. De Boer lijkt gegriefd door het onrecht dat hem wordt aangedaan. Hij zal vanaf nu geen architect meer zijn. Hij wordt beroepsactivist. Met als inzet: een goede financiële regeling voor mensen die tijdens de mobilisatie gehandicapt raakten. En compensatie voor nabestaanden. 

En het woord recht is met kapitalen geschreven. 

De Boer ging door roeien en ruiten. We openen vandaag in Heiligerlee een expositie. Daarin zijn foto's van zijn huis. Het gaat schuil achter een reusachtige banier: Majesteit! Wij vragen RECHT voor de mobilisatieslachtoffers. Achter het woord majesteit staat een groot uitroepteken. En het woord recht is met kapitalen geschreven. 

Het huis van Pieter de Boer in Drachten

En dat is niet alles. Achter elk raam aan de staatkant hangen posters. En boven die ramen hangen ook weer teksten. Vanuit elke dakkapel een spandoek. En als je dan ook nog weet dat het hoofdkantoor van de Bond van mobilisatie-invaliden en van hunne nabestaanden in zijn huis was gevestigd, dat De Boer de oprichter en voorzitter was van deze bond. Dat mevrouw De Boer medewerker was van deze bond. En De Boer ook nog eens de Stichting De Nederlandse Soldaat had opgericht, met als streven om de rechtspositie van dienstplichtigen te verbeteren, dan krijg je beslist het beeld dat elke minuut in het leven van De Boer in het teken stond van het bestrijden van onrecht. 

Rumoer om P. de Boer

De Boer had succes. In 1927 stelde de regering door zijn toedoen een pensioenregeling in. Maar die werd zo gebrekkig uitgevoerd, dat De Boer tot 1948 moest strijden om het te verbeteren. Maar ook daarna was de strijd nog niet gestreden, want de bond en de stichting speelden een grote rol rondom de toekenning van deze pensioenen. 

Ik heb De Boer niet gekend. Maar wel veel mensen voor wie het glas niet snel half vol was. Hij was er zo een. Als je foto's bekijkt en het autobiografische boekje 'Rumoer om P. de Boer' leest, blijkt dat hij geen man van compromissen was. De Boer had maar één doel voor ogen: onrecht recht zetten. Rehabilitatie. 

Het boekje zelf laat ook enig fanatisme zien.

De expositie over het leven van De Boer laat dat tot in de details zien. De Boer had een caravan. Vanzelfsprekend was ook die vol leuzen. En hij had een geluidsinstallatie, om bij elke demonstratie, ook al was hij niet uitgenodigd, zijn geluid te laten horen. Rumoer als wapen.

Het boekje: 'Sensationeel, aangrijpend, spannend'

Het boekje zelf laat ook enig fanatisme zien. Het is uit 1953. De uitgever (Ik vermoed P. de Boer) prijst het boekje als volgt aan: "Een goed gedocumenteerd verweerschrift; een vlot geschreven en zeer spannend relaas van de sensationele belevenissen van de Bondsvoorzitter, diens echtgenote, de Bond en de Stichting. Alles naar waarheid opgetekend."

Meestal zijn antiquarische boekjes schaars. Maar deze niet. Het museum heeft nog dozen vol van de eerste druk. Vermoedelijk ging De Boer uit van een grote vraag. Voor wie het wil lezen: het pamflet bevat weinig kantlijn. Het is van kaft tot kaft, van links bovenaan tot rechts onder in brede regels, in een kleine letter, geschreven. Veel zinnen eindigen met een uitroepteken. En anders wel met drie veelzeggende puntjes... 

Held of lastpak?

Ergens in de tentoonstelling stelt conservator Joost de Linge de vraag of De Boer een held of een lastpak was. Allebei kan ook. Iedereen moet die vraag natuurlijk zelf beantwoorden. Maar het antwoord van zijn buren in Drachten kan ik wel raden. Want het carillon in de tuin van het museum in Heiligerlee, stond eerst in de tuin bij De Boer. En iedereen die er geld inwierp, kon het klokkenspel laten spelen.
 
Wat zullen de buren opgelucht zijn geweest dat het rumoer van Buurman de Boer minder zou worden omdat het carillon naar de gemeente Aardenburg (Zeeland) zou gaan. Want daar dacht men dat het toeristen zou trekken. Omdat het een van de 18 carillons ter wereld is, dat is gewijd aan de Eerste Wereldoorlog.

om de slachtoffers van een mobilisatie te gedenken

Hoe anders zou het gaan. Een wethouder moest aftreden en de raad kwam naderhand tot het oordeel dat er met De Boer niet te spotten viel. Want die had in zijn hoofd dat de klokken in een toren van 60 meter hoog moest komen. En geen meter lager. Het nooit gerealiseerde ontwerp hangt in de tentoonstelling.

En zo komt het dat we vandaag hier staan. Bij een carillon in Heiligerlee. Met Friese teksten. Een carillon om de slachtoffers van een mobilisatie te gedenken. De 400.000 soldaten die de regering opriep om de grens van Nederland te bewaken en zo onze neutraliteit te garanderen tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Een carillon ook, waarvan het niet de bedoeling was dat het hier ooit zou komen staan. Maar de klokken van dit carillon zijn hier gegoten, door de firma Van Bergen. De cirkel is rond. Het carillon is weer thuis. Thuis, waar toegewijde vrijwilligers met veel liefde prachtig erfgoed in stand houden. De twee musea van Heiligerlee, dat over de Slag bij Heiligerlee en het Klokkengieterijmuseum zijn alleen al om die reden een bezoek meer dan waard. Ik open de expositie - hoe kan het ook anders - met rumoer. Namelijk door (met behoorlijk wat hulp van de beiaardier) het carillon van Pieter de Boer te bespelen. De eerste regel van 'Mien Toentje' van Ede Staal. De beiaardier maakt het gelukkig bekwaam af